Posts tonen met het label tuinhuisperikelen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label tuinhuisperikelen. Alle posts tonen

maandag 7 mei 2012

Nooit meer Oranje Boven

                                                               Wachten op Godot

Najaar 2011. Ruim een jaar al duurt de restauratie van mijn tuinhuis. Rekenend op een mooie nazomer sloop ik de buiten zijwand van mijn tuinhuis. Trek de een na de andere rotte plank weg en stuit op een hoeveelheid werk waar het arbeidsbureau jaloers op is. Amper een week verder draait de wind naar het westen en teistert mijn tuinhuis met flinke buien. Een in allerijl aangeschaft oranje gekleurd zeil voorkomt nog net op tijd dat mijn idylle voor de zoveelste keer onder water komt te staan.

Weer of geen weer met de winter in aantocht heb ik weinig keus. Dus werk ik onverdroten voort onder het zeil, waar alles wat ik voor ogen krijg en in handen neem verandert in gekmakend oranje. Ik vernieuw grote delen van de oude middenhut en behandel onvervangbare delen als stutbalken met anti-rot. De kwestie RAAM schuif ik voor me uit: gewoon niet aan denken.

De stapels meterslange planken voor de buitenkant sleep ik tijdig naar de loods op het terrein: een enorme schuur, weliswaar droog maar koud en tochtig. Twee dikke truien overelkaar, gewapend met alles wat ik nodig heb om nieuw hout tegen de weergoden te beschermen schuur en kwast ik er dagenlang op los.

Met eelt op mijn vingers en euforisch van de peutdampen waan ik me Picasso in zijn blauwe periode. Heeft ook hij niet geschilderd en zelfs gewoond in een oud vervallen gebouw, de 'Bateau Lovair' ergens in Monmartre? Schilderde met koude knuisten arme mensen zoals de Strijkende Vrouw! Nee ik mag niet klagen, ook al werk ik met uitsluitend groen, mijn tuinhuis zal straks als het klaar is een schilderachtig kunststuk zijn!

En dan als ik de kwestie RAAM niet meer kan ontlopen dient zich de reddende engel aan. Stanley vindt het zielig dat een oudere vrouw, zoals ik, alleen haar tuinhuis restaureert. Pet achterste voren op zijn kroeskop, armen als van een worstelaar en zwaaiend met een meetlat stapt hij mijn tuin binnen. Hij bekijkt de zaak: 'U wilt graag een raam dat open kan?'
Dat is helemaal geen probleem. Als ik wil, zorgt Stan ervoor dat al mijn ramen open kunnen. Ik zeg hem dat ik tevreden ben met één raam dat open kan. Voortvarend breekt hij met een koevoet het oude raam eruit. Ik kijk benauwd naar de krakend balken. En passant verwijdert hij ook een paar hooggeplaatste planken waarvan ik dacht dat ik die maar beter kon laten zitten. 


 

De volgende dagen verschijnt Stan met onder zijn armen dikke balken hout, grote schroeven en dies meer. Op onverwachte momenten staat hij plotseling voor mijn neus. Bij voorkeur eind van de middag als de tijd voor een aperitief aanbreekt. Stan houdt van vrijheid en daar passen bindende afspraken niet in. Resultaat vier kinderen bij twee ex-vrouwen, maar dat is beter zo! Geeft alleen maar herrie.

Al met al ben ik niet ontevreden want na een dag of tien zit er in mijn zijwand een stevig kozijn. Het wachten is op een passend raam dat ook nog open kan. Stan zal het zelf maken, het kan even duren maar het komt goed, verzekert hij mij en timmert intussen een paar grote platen triplex op de plaats waar het raam moet komen. 'Er wordt zo veel ingebroken, vandaag de dag, vooral op een volkstuinencomplex.' Stan weet er alles van.

Daarna wordt het stil. Ik mis de praatjes over zijn liefde voor oudere vrouwen niet. Kijk bedenkelijk naar het dichtgetimmerde raam. Zet de stenenopbouwrand in een waterdichte mortel 
en begin met de opbouw van de buitenwand.

























Vervloek Stan 
terwijl ik worstel met de vier meter lange planken hoog boven mijn hoofd om ze op hun plaats te krijgen. Ben trots op mijn mooie wandje als ik hem nog één keer in de beits heb gezet. 



   

November is al een paar weken oud als ik Stan bel. Ik wil weten waar het raam blijft, maar krijg alleen de juffrouw die meldt dat het nummer momenteel niet bereikbaar is. Alsof ik dat zelf niet bedenken kan! Ik stuur smsjes. Geen reactie. Nu vervloek ik mezelf: zo oud en nog trap ik er in! Nooit meer wachten heb ik mezelf jaren geleden gezworen, en zeker niet op een man. In het wachten op - binnen een jarenlange en ongelukkige liefde – ben ik er bijna aan kapot gegaan.

De winter duurt lang. Samen met Jip breng ik iedere dag een bezoek aan mijn tuin. Ga even mijn huisje binnen dat vol met werktuig ligt. Ongezellig ook door het dichtgetimmerde raam en het oranje licht afkomstig van het zeil dat tegen de ramen klappert. Het is wachten op Godot! Door de strenge vorst zet het ijs in de regenton dusdanig uit, dat de regenpijp dwars door de dakgoot heen wordt gedrukt en als een kachelpijp boven het dak uitsteekt. 


 

De nieuwe lente brengt een nieuw geluid. Er hangt een engel klapwiekend boven mijn tuinhuis. Daalt neer op het dak. Het is een aartsengel en deze keer heet hij Maarten. Hij gaat nog even op wintersport maar daarna is hij er klaar voor.







Eenmaal aan het werk is het in een paar dagen gepiept. Zit er een prachtig op maat gemaakt raam in de zijwand van mijn tuinhuis. Een raam dat open kan!





Even een dak vernieuwen met goten en al eraan? Maarten draait er zijn handen niet voor om! 








En voilá! Mag ik u dan eindelijk meenemen naar mijn paradijs en het tuinhuis tonen? Schilderachtig toch?




Ja natuurlijk, er blijven nog wel een paar klusjes over, maar daar hoort u mij niet meer over zeuren. Zo blij als ik ben, dat ik van dat zeil met dat deprimerende oranje licht af ben. Jammer voor de Koningin, maar voor mij nooit meer Oranje Boven!
 

maandag 10 oktober 2011

Het monster met negen koppen

We leven oktober 2011 en het is alweer een jaar geleden dat ik het stoute plan opvatte om zelf die paar rotte planken in mijn tuinhuis te vervangen.


Mijn tuinhuis begint steeds meer te lijken op de slang Hydra van Lerna uit de Griekse mythologie. Het monster dat Hercules moest verslaan als één van twaalf werken om goed te maken, dat hij in een vlaag van waanzin zijn vrouw en kinderen vermoordde. De moeilijkheidsgraad zat daar in dat voor iedere kop die Hercules van het beest afhakte er twee terugkwamen.

Ik heb geen herinneringen aan vorige levens, maar wellicht heb ik toch ooit iets misdaan wat ik moet goedmaken bij het renoveren van mijn idylle, want iedere keer als ik denk dat ik een klus heb geklaard komen er minstens twee bij.


 






Zoals de foto's laten zien is het      binnen best aardig 
opgeknapt vergeleken
met een half jaar geleden.

   













 













Alleen er was ook nog eenzijwand buiten in een niet al te goede staat. Op het moment dat ik het plan opvatte dat ik best zelf die paar planken kon vervangen zag het er nog aardig uit. Maar in de hitte van het voorjaar ontstonden er enorme kieren tussen de planken en de natte zomer deed de rest. Zo rot als een mispel zou mijn vader zeggen. Dus door en door verrot zoals de vrucht van de mispelaar die men net iets te lang heeft laten liggen voor het consumeren.


Gelukkig brak tweede helft september toch nog even de zomer aan. Eenmaal A gezegd kan men de B niet weigeren. Met het optimistische idee dat het mooie weer zeker zes weken zou aanhouden sloopte ik snel de wand er af! Bestelde hout bij de Gamma en terwijl ik op de bezorging wachtte zaagde ik in gedachten de planken op maat. Schuurde, beitste een schroefde alles weer op zijn plaats. Laat de kou en winter maar komen! Tegen die tijd zou ik heerlijk in mijn verwarmde tuinhuis met kaarslicht nieuwe verhalen bij elkaar zitten te dromen.
Zo is het niet gegaan. Het mooie weer bleef bij een echt Ouwewijvenzomer en ik heb mijn tuinhuis met een oranje zeil afgedekt, waardoor het nu met een beetje verbeelding op een kerststal lijk. Behalve de buitenwand heb ik ook een groot gedeelte van de oude middenhut moeten verwijderen. 
 
Bedekt en aangevreten door alles wat je maar in een insectenboek tegen kan komen was het not done
om dat te laten zitten.
Flink aangetast kwam ook het oorspronkelijke kozijn achter de betimmering vandaan. Een paar spijkers eruit en voila het raam functioneerde weer naar waar het voor diende. 
Het lijkt me zo heerlijk een raam in mijn tuinhuis dat ik naar wens kan opendoen of sluiten, maar hoe krijg ik het weer in een fatsoenlijke staat? Een probleem waarvoor een vorige eigenaar zich kennelijk ook gesteld zag, maar jammerlijk genoeg voor de simpele oplossing koos.





 Ik heb nog een paar klusbedrijven gebeld en gemaild maar tot nu toe geen antwoord op mijn hulpvraag gekregen. Het hout is gebracht en wacht op verwerking. Intussen ben ik weer aan de slag gegaan met STOP ROT en denk na:
Hoe moeilijk zal het zijn om zelf een goed functionerend raam te maken?


Wordt vervolgd. lees verder op: Nooit meer Oranje Boven!

woensdag 24 augustus 2011

Een plekje in de hemel



Zoals met veel tegenslagen in het leven, is de oorzaak van de wateroverlast in mijn tuinhuis geen kwestie van of of, maar een van en en. Geen moment is het in mijn hoofd opgekomen dat de brede gapende kier onder aan een ruit, een oorzaak kon zijn van binnenvallend regenwater. Integendeel ik had totaal geen haast met het herstellen van het weggerotte kozijn zag de gleuf vooral als een povere maar natuurlijke manier van luchtverversing.

Met een overschot van een door zijn poten gezakte partytent heb ik het raam afgedekt, waarna de wateroverlast met liters afnam.
De laatste restjes op de vloer kwamen echt via de kieren en scheurtjes in de stenen rand, zoals Jaap van de bouwcommissie mij verzekerd had. Ik ben dus in de weer gegaan met cementmortel, dit gemixt met een of ander melkachtige vloeistof - waardoor het wateronvriendelijk wordt - tot een klontvrije en smeerbare emulsie.
Half zittend, half gelegen op de grond, gewapend met twee troffels heb ik het spul op de stenenopbouwrand gesmeerd en waande me terug in de tijd waarin mensen hun eigen lemen hut bouwden. Daar lijkt mijn metselwerk ook op. Vooral omdat ik op het laatst, moegeworden, het gewoon met mijn handen erop geboetseerd heb.

Mijn tuinhuis! Bijna een jaar ben ik nu bezig om dit kleine optrekje, dat plekje voor mezelf, zowat met blote handen op te bouwen.
Ik heb een sterke wil: 'Wat die meid in haar kop heeft, heeft ze niet in haar kont zitten,' verzuchtte mijn moeder soms. Dat van die kop kan ik wel begrijpen, maar wat mijn kont daar mee van doen heeft?
Wat zit er in mijn kop dat niet wil opgeven? Niet zegt: 'nu is het wel genoeg stom huis met je rotte planken en lekkende vloer, val maar in elkaar, zoek maar een andere bewoner, ik ben klaar met jou!'
Wat heb jij toch met huizen vroeg ooit een therapeut aan mij?

Van kind af aan speelde  ik met vriendinnetjes HUISJE. We stapelden veilingkisten op elkaar. Een oud kleed of deken op de grond met in het midden een omgekeerde kist. Een jampot gevuld met water en veldbloemen erop en voilà, we hadden een eigen huis. Een ruimte dat mijn broers en buurjongens alleen na toestemming mochten betreden.
Eenmaal jong volwassen leerde ik de vrijheid van kamperen kennen. Zo wonderlijk als ik dat vond! Eerst was er alleen nog gras en twintig minuten later stond daar een katoenen dubbeldakshuisje met alles wat ik nodig had om te kunnen leven. Mijn plek, mijn levensruimte beschermd door een sterke lange rits. Lag lekker warm in mijn slaapzak en luisterde naar de wind in de bomen, hoorde de roep van een nachtvogel en werd wakker van het tikken van de regen op het doek. Was gelukkig in alleen zijn met eigen gedachten en dromen.

Een eigen huis, een eigen plek waar ik me af kan schermen voor andere mensen is van levensbelang. Opgegroeid in een gezin met tien kinderen waar iedereen over elkaars grenzen heen denderde. Wonen in een huis dat te weinig privacy bood. Alleen een paar uur in bed voor mijn oudere zus naast me kroop. Waar je geen eigen plek had en huilde omdat de stoel waar je even van was weggelopen alweer door een ander was bezet. En moeder je leerde dat op deze aarde niets van je zelf is. Zelfs je kont niet! Dat later, als we goed ons best hadden gedaan, we een plaatsje in de hemel zouden krijgen.

Mijn tuinhuis is een noodzaak. Het is een plek waar ik ongestoord mijn eigen gedachten kan denken. Een stukje privacy wat ik nodig heb om bij mezelf thuis te komen. Gelukkig heb ik een sterke wil. Ik ben echt een doorzetter en repareer nu met veel meten en passen het weggerotte raamkozijn. En dat plaatsje in de hemel is, als ik er kom, vast al door een ander bezet.

Wordt vervolgd. Lees verder op: Het monster met negen koppen.

zondag 17 juli 2011

Met de vloer op tafel



Na de zondvloed afgelopen week, vond ik de rood gebeitste houten vloer drijvend als een vlonder in mijn tuinhuis. Ja daar kan je om huilen, maar positief is wel dat de cementen en met een afdichtingspakket behandelde vloer echt waterdicht is. Alleen mag er vanwege het zwembad effect, geen water naar binnen komen. 
Gelukkig werkt het weer mee, want afgelopen vrijdag scheen de zon alsof er geen wolkje aan de lucht was geweest. In een goed uur schroefde ik alle 32 planken weer los en sjouwde ze samen met balken en piepschuim naar buiten. 
Zeven badlakens en drie (oude) hoeslakens had ik nodig om het hemelwater - waar ze in Somalië naar smachten - uit mijn hut te verdrijven. Sorry ik heb het water uitgewrongen in mijn grasveld. Ja ik weet: het leven is niet eerlijk en God bestaat niet anders zou hij de watervoorziening echt wel beter verdelen. 
Bovenop een ladder heb ik alle zwakke plekken in de dakgoot nagekeken en hier en daar een noodverband van een uit teer bestaande aquaplak aangelegd. 
Goed bekeken kon dat niet de oorzaak zijn van de minsten dertig liter water die zich onder mijn dak had verzameld. Dus heb ik Jaap van Ons Buiten erbij gehaald. Jaap is architectonisch deskundig en lid van de bouwcommissie. Volgens hem was het probleem toch echt wel de uit stenen opgebouwde voet waarop mijn tempel rust. De hele mikmak goed reinigen en daarna van een teerlaag voorzien. Ik haalde opgelucht adem, zo'n werkje dicht bij de grond moet voor mij geen probleem zijn. Ik moet zeggen het weer blijft meewerken, want inmiddels heb ik af en toe een flinke bui nodig om de waterdichtheid van mijn tuinhuis uit te testen. De vloer ligt  al weer een paar dagen op tafel en ik heb mezelf beloofd dat hij daar niet van af komt voor dat mijn tuinhuis echt helemaal waterproof is!

Wordt vervolgd. Lees verder op: Een plekje in de hemel.

donderdag 7 juli 2011

Zweten, zwoegen en rugpijn

Tien maanden geleden vatte ik het plan op om de door rot aangetaste vloer in mijn tuinhuis te vervangen en voegde de daad bij het woord.


We leven juli 2011 en voor zover ik het kan overzien zijn nu alle sluiproutes voor het hemelwater afgesloten. Het zijn weliswaar noodverordeningen en binnen afzienbare tijd zal toch ook het dak vernieuwd moeten worden.
Tussendoor heb ik nog een paar malletjes gemaakt en zelfgemaakt cement van voegmortel met wat zand. De steentjes heb ik opgeraapt van mijn grindplekje, ik kan toch niet voor elk wissewasje naar de Gamma.

Mijn vader - de zevende generatie metselaar in zijn familie - zou trots op mij zijn geweest.










Het ziet er echt goed uit en de buitenhoeken van van mijn tuinhuis staan er weer fris en stevig bij!



Na veel passen en meten ben ik nu eindelijk begonnen aan het voorboren en vastschroeven van de vloerdelen. Minstens de helft van de planken heb ik staan beitsen bij een temperatuur van 26 graden en in de volle zon. Een heet karwei waarbij veel inspiratie, voor alles wat ik in dit tuinhuis nog schrijven wil, via transpiratie is afgevloeid. Ja en die grote tegel in de hoek - de plaats waar mijn zibrokachel schokvrij komt te staan - die was voor mij net iets te zwaar!



Wordt vervolgd. Met de vloer op tafel!

woensdag 15 juni 2011

Help! Er ligt weer water in mijn tuinhuis..

Nooit wilde ik nog water in mijn tuinhuis zien. En dan - op een morgen nadat het 's nachts eindelijk weer eens flink geregend heeft - vind ik dit tafereel!


Na een flinke speurtocht ontdek ik de zwakke plek in mijn idylle.


Het regenwater sijpelt tussen de binnen- en buitenwand van mijn tuinhuis en is vermoedelijk ook de oorzaak van de rot in het hout. Die wand moet vernieuwd, maar niet nu. Eerst wil ik de binnenboel aan kant. Weer alles op zijn plek. Even uit kunnen rusten en kijken door het raam naar het roodborstje dat wipt van tak tot tak in de rododendron.
Alleen een nieuwe vloer op een laag water dat niet wegzakt, is ook geen goed idee! Dus op naar de Gamma, waar ik me verdiep in alles wat kieren althans tijdelijk dicht. Een soort van EHBO-pakket.


Het kostte me een lange middag. Bovenop de ladder met het pistool waaruit dakreparatiekit tergend langzaam over de rand van de dakgoot kroop en mijn handen en vingers aan elkaar plakten van de zwarte teer. Hoe in godsnaam moest ik die weer schoon krijgen? Ik dacht terug aan een oud familieverhaal. Hoe mijn moeder een toen driejarige broer wel eens met boter had schoongemaakt. Nadat deze op de boerderij naast ons de geit had vastgehouden terwijl een even oud buurjongetje het dier eens flink in de teer had gezet. De buurvrouw had zich later verbaasd afgevraagd waar plotseling die bonte geit vandaan was gekomen. Tot haar zoon het verhaal uit de doeken deed. Een heel pakje boter had mijn moeder nodig om mijn broer weer toonbaar te maken en de geit mocht vanwege het verbrandingsgevaar de hele zomer niet van stal. Gelukkig kreeg ik mijn handen met een flinke scheut terpentine weer helemaal schoon!


Wordt vervolgd. Lees verder op:Zweten,zwoegen en rugpijn!

woensdag 1 juni 2011

Een tuinhuis voor mezelf!




De opbouw is in volle gang. De wanden gedicht. De beits geeft het hout haar jeugdig uiterlijk terug en terwijl de kwast met lange halen langs het hout strijkt, droom ik van de woorden die ik hier straks, onbereikbaar voor het internet in alle stilte aan papier mag toevertrouwen.

Wordt vervolgd. Lees verder op: Help er ligt weer water in mijn tuinhuis!

zondag 8 mei 2011

De vrouw die alles zelf doet.











Op deze moederdag bedenk ik dat zelf doen kennelijk hoog in mijn vaandel staat. Zo koos ik ooit zelf en alleen voor het moederschap en nu restaureer ik dus mijn tuinhuis. Het vordert gestaag. 








Gisteren met een afdichtingspasta de vloer, hoeken en randen bewerkt, want water wil ik nooit meer in mijn huisje zien. Ik moet zeggen het ziet er gezellig uit. Alhoewel er nog wel een laagje overheen moet.



Pittig werk en na afloop viel ik bijna flauw, maar toch ...na gedane arbeid was het goed rusten!

Wordt vervolgd. Lees verder op : Een tuinhuis voor mezelf.


zondag 1 mei 2011

Tuinhuisperikelen - 2

Het was oktober 2010 dat ik vol goede moed de strijd aanging met de verrotting van mijn tuinhuis. U bent het misschien allang vergeten, maar ik liep een lange lange, eerst natte herfst en daarna witte, winter somber samen met Jip langs mijn tuin. Had niet eens zin om door het tuinhek naar binnen te gaan.
Mijn buurman rechts had in een moment van verstandsverbijstering alle plantage uit zijn tuin gerooid. Ook de wintergroene en twee meter hoge taxus heg tussen zijn en mijn tuin moest er aan geloven waarmee mijn schaduw terras en borders en het karakter van mijn tuin op één dag naar de knoppen ging. Het ophogen van zijn tuin met god mag weten hoeveel kub aarde en daarna de zondvloed waren er de oorzaak van dat het water geen andere weg zag dan zich over mijn tuinpad richting tuinhuis te begeven.
Gelukkig lag de nieuwe vloer nog op tafel. Nu het voorjaar zich zo hartverwarmend gemeld heeft, ben ik weer aan de slag gegaan. Een depressie is waarschijnlijk niets meer dan ingehouden energie. Je handen in je zakken omdat je moet wachten totdat het grondwater genoeg gezakt is in plaats van dat je ze uit de mouwen kan steken.
Ik heb alle rotte stukken onder aan de palen gerestaureerd met hard hout en rotvulling. Het is echt kei en kei hard geworden. Gaten gedicht, de binnenwand helemaal in de bruinoleum gezet en gisteren er zelf een soort van cementen vloertje in gelegd.
Beton – 27 zakken van 20 kilo vanaf de gamma vervoeren – heb ik maar van afgezien.

Buiten in mijn tuin is het een feest. De Azalea Mollis weer in bloei.
De blauwe regen die als een waterval uit de jeneverbes te voorschijn komt. De clematis en de sering , misschien mede door de kaalslag bij de buren voor het eerst in bloei is?



Wordt vervolgd. Lees verder op: De vrouw die alles zelf doet!



maandag 18 oktober 2010

Tuinhuisperikelen



Iedere keer als ik naar mijn tuinhuis loop, hoop ik eindelijk aan de opbouw te beginnen. Zo ook vandaag, maar eenmaal binnen zag ik toch nog een paar planken waarvan ik dacht: zou je die nog niet even weghalen? Even kijken hoe het er achter uitziet!

Maar laat ik eerst uitleggen hoe het met mijn tuinhuis zit. Ooit stond er op de tuin die nu van mij is een houten tuinhuis: een vloertje van natuursteen en de wanden een enkele laag houten planken. Het Tuinenpark 'Ons Buiten' , waartoe de tuin behoort, vierde vorig jaar zijn tachtigjarige bestaan. Zo oud zal het huisje niet geweest zijn, maar het was zeker een oud huisje toen ergens eind vorige eeuw het in handen kwam van een musicus. Harry verbleef veel in zijn huisje. Componeerde daar muziek en sliep er met vriendinnen. Twee goede redenen om het huisje wat behaaglijker maken. Harry bekleedde het oorspronkelijke huis aan de buiten- en aan de binnenkant met houten vloerdelen. De ruimtes ertussen vulde hij op met platen piepschuim. Op de vloer ook allemaal piepschuim. Wat balkjes ertussen. Een vloertje van weer vurenhouten plankjes erover. Verfje erover en hopla klaar was Harry.
Tijdens het maken van zijn huis kreeg Harry flink wat inspiratie, getuige de muzieknoten en de naam 'Chopin',die ik in viltstift op de platen piepschuim vond. Helaas liet Harry na, om het hout te beschermen tegen vocht, schimmel en alles wat de neiging heeft om hout aan zijn eindje te helpen.

Het huisje met de tuin is nu zes jaar in mijn bezit. En eerlijk is eerlijk het is een rot huis. Maar ik ben verliefd op dat gekke houten huisje en wel zo erg dat ik dacht: een paar vloerdelen verwisselen kan ik ook wel hoor. Gewoon een kwestie van meten, zagen en in elkaar schuiven. Verfje erover en klaar is Sagita. Maar toen ik de eerste plank weghaalde zag ik pas wat er achter zat. Tja dat kon ik natuurlijk niet laten zitten. Een rotte plank achter een nieuwe – ook al is die dan behandeld met bruinoleum – is toch zo iets als water naar de zee brengen.

Vandaag dus van een zijwand binnen twee planken van zo'n vier meter lang verwijderd. De meeste schroeven vliegen eruit, met mijn accuboor- schroefmachine. Maar in iedere plank is er steeds één schroef die dwars ligt. Die zich door niets (pompschroevendraaier of gewoon een kruiskop) laat verwijderen. En daar gaat mijn kostbare tijd. Gaatje boren. Voorzichtig, want die plank is goed en op mijn fiets naar de Gamma om vloerdelen van vier meter lang te halen is ook geen optie. Een platte schroevendraaier er scheef in en tikjes geven met de hamer. Hopen dat hij los komt. Geen beweging in te krijgen. Uiteindelijk rest me niets dan hem eruit te steken. Het gat moet later maar weer gevuld worden. Al met al kostte het mij een uur per plank.

Na het verwijderen van het piepschuim en bij het binnenste van mijn heiligdom aangekomen zag ik waar die mieren de afgelopen zomer zo druk mee bezig waren: mijn halve tuin zat op die planken! Er ontbrak nog net een bloemenbed.

Wat goed was van deze dag is dat ik de losse boekenplank met tuin- en leesboeken elders heb ondergebracht. Even met een beiteltje en hamer wat rotte houtstukken van de bevestigingsbalken weghakken maakte afgelopen donderdag meer los dan me lief was. Gelukkig kreeg ik niet de hele hut over me heen.

Je bent nooit te oud om te leren hebben ze mij als kind verteld, maar wat ik niet goed begrijp is dat mijn ouders, die echt arm waren zich in de jaren vijftig - bepaald geen hoog conjuntuur - een schilder kon veroorloven. Sjaak Disseldorp kwam ieder voorjaar in zijn witte overal bij ons thuis de keuken in de kleuren geel en groen sausen en moest er een kamer van nieuw behang voorzien: Sjaak was van de partij.
Het is niet omdat ik te beroerd ben om te werken, maar waarom moeten we tegenwoordig alles zelf doen? Waarom kunnen wij ons in deze tijd van welvaart - ja die geëngageerde crisis tel ik niet mee - geen timmerman, schilder, metselaar etc. betalen? Kruip ik, bijna zeventig jaar oud, rond op de grond van mijn hut met hamer, beitel, zaag, boormachine en met schroeven in mijn mond. Daar komen toch ongelukken van! Je kan het zien iedere avond om half acht op Nederland 1. Heel veel zelfdoeners die zich op een ziekenhuis poli moeten laten behandelen. Alsof dat niks kost!

Maar goed het is waar: te oud om te leren ben ik niet en ik vind het veel leuker werk dan afwassen of stofzuigen. En straks als mijn tuinhuis er weer fris en fruitig bij staat zal ik trots naar mezelf wijzen: zelf gedaan!





Lees verder op : Tuinhuisperikelen-2